Moederdag

Een buiten gedekte tafel.

Lieve mensen eromheen.

Ik hoef helemaal niks te doen.

Allemaal lekkere dingen.

Gekabbel over de dag.

Af en toe een mooi bloemetje in de tuin bekijken.

Geen haast.

Geen stress.

Zonnetje.

Pas uren later, als de eerste druppels alweer vallen is het voorbij.

❤ Wat een fijne moederdag ❤

Veel beter

Na de vreselijke tweede week van kuur 7, waarin ik stevig de neiging kreeg om de handdoek in de ring te gooien (het was echt een nieuw dieptepunt), is de derde week wonderwel veel beter. Het bleef tot nu toe bij inkakmomenten, op de vrijdagmiddag en -avond en op zondagmiddag. That’s it. Vandaag, maandag, ben ik zelfs fit te noemen.

Mijn geest veert, zodra ik me beter voel, even wonderlijk weer mee omhoog. Ik krijg dan direct visioenen van spectaculaire nieuwe geneesmiddelen die me nog 25 jaar een prachtig leven geven, bij voorkeur samen met een leuke man, zo een die weet wat liefde is.

Worden jullie al gek van mijn heen en weer geslinger? Nou ik wel! Al slinger ik liever omhoog dan omlaag. Manische depressiviteit is niets vergeleken bij de snelle wisselingen die ik tegenwoordig soms doormaak, of beter: doorsta.

Het doet me veel nadenken over de grenzen van mijn ‘willen bestaan’, voor zover ik daarover iets te willen heb. Wanneer zeg ik: “Genoeg is genoeg“?

Mijn uitgangspunt is, zoals jullie wel weten, dat ik hier nog een mooi voorjaar en zomer mag beleven, maar wat als het dan nog niet op is, maar ook niet om over naar huis te schrijven? Wat doe ik dan? Stop ik dan ‘zomaar’ met de behandelingen, of ga ik nog even door? En moet ik dat nu al weten? (Nee natuurlijk, maar ik zou het wel graag willen weten, maar niets is voorspelbaar, helemaal niets).

Ik vind dat allemaal extreem moeilijk, óók omdat ik er zo over van gedachte wissel. Als ik me rot voel dan heb ik er weinig zin in mijn bestaan hier nog lang te rekken. Als ik me goed voel dan denk ik: “Maar het leven is zo mooi, en ik leef nog zo graag!” Vroeger ging je gewoon dood en hoefde je over al dit soort zaken niet na te denken. De dokter besliste wel wanneer je nog een behandeling kreeg en wanneer niet. Ook al hou ik van het concept Samen Beslissen, heel af en toe denk ik toch ook wel eens dat het heel fijn zou zijn als dit me allemaal uit handen genomen zou worden. Niet lang hoor 😉 , hahaha, het allerliefste zit ik er toch met mijn neus bovenop.

Maar goed, de komende 1,5 week ga ik eens goed kijken hoe zeer ik opknap na deze zevende kuur. Voel ik me veel beter? Dan zijn het de bijwerkingen die me nekken. En hoe staat het met het gevoel in mijn voeten. Rechts voel ik nog maar heel weinig en dat zorgt ervoor dat ik met lopen uit moet kijken. Ik voel namelijk niet wanneer mijn voet de grond raakt, héél erg weird. Trekt de neuropathie bij, net als in eerdere pauzeweken, of niet? Toch was ik in staat om best veel te wandelen de afgelopen dagen, en door dat te doen neemt mijn actieradius iedere dag toe. (Hoe dan? Vorige week dacht ik nog dat ik al bijna dood was, zo beroerd was ik.) Volgende week heb ik bovendien een CT-scan en er is een overleg gepland met mijn oncoloog met die scan op tafel.

  • hoe is de scan?
  • hoe zijn de bloedwaardes?
  • hoe ben ik opgeknapt?
  • hoe staat het met de neuropathie?
  • wat zijn de alternatieven bij redelijke goede uitslagen?
  • wat zijn de alternatieven bij redelijk slechte uitslagen?
  • keihard ligt de wens ernaast dat ik – als het mogelijk is – pas op zijn vroegst in september overlijd.

Ik verwacht niet dat ik diezelfde middag alweer chemo krijg, want ik heb de afspraak bij de oncoloog pas om half 5. Stel dat ik daar dan om 5 uur mee klaar ben, dan wordt de tijd voor nog chemo op dezelfde dag te kort. Ik ga dus lekker met eigen vervoer erheen. Een weekje chemopauze extra is vast ook wel tof, voordat ik met wat dan ook weer door ga. Even genieten van het feit dat mijn lijf weer goed voelt.

Het allergekst zal het zijn wanneer ik dan zou horen dat het zó goed gaat, dat de tumoren zijn teruggedrongen en dat ik daarom nog veel langer heb. (Voor zover je daar iets over kunt zeggen dan hè). Ik ben er niet eens zeker van of ik daar dan goed mee om zal kunnen gaan. Kennelijk is willen weten waar je aan toe bent voor mij één van de grote kwaliteiten van het leven en laat ik daar nou de laatste vijf jaar geen enkele grip meer op hebben gehad. Het voelt nu zo dat ik dan tenminste toch grip op mijn eigen sterven wil hebben, maar laten we eerlijk zijn: ook dat is een illusie, zo blijkt steeds opnieuw.

Ondertussen is er, na mijn noodkreet bij de oncopleeg, in het Erasmus MC een eerste gesprek met de medisch maatschappelijk werker ingepland, op dezelfde middag als de scanuitslag, ik ben er dan toch. Ben heel benieuwd wat zij me brengen kan. Bovendien mag ik meedoen aan een onderzoek wat in het palliatieve stadium het effect van zes gesprekken met een geestelijk verzorger onderzoekt. Daarvoor werd ik door NFK getipt. Ik reageerde meteen en ik kreeg vandaag al een positieve reactie. Ik maak er graag gebruik van. Zo probeer ik dus niet alleen om de beste balans in mijn lichamelijke welbevinden te vinden, maar pak ik ook mijn mentale/emotionele problemen (want zo ervaar ik ze nu) aan en heel eerlijk: ik kijk er echt naar uit om bij dit heen en weer geslinger ondersteuning te krijgen. Het idee dat er hulptroepen ingezet gaan worden geeft me nu al moed om wat me ook te wachten staat weer wat beter onder ogen te zien. Bovendien reiken deze dagen ook lieve vrienden en familie me de hand. Wat een geluk.

Hulp vragen / hulp bieden

Vrijheid

Nu bij de ene na de andere lotgenote dé brief binnenvalt met de uitnodiging voor vaccinatie, en ook in mijn familie de eerste mensen gevaccineerd zijn (of vaccinatie geweigerd hebben) gaat – tergend langzaam – de wereld open.

Ja, als ik mijn zoon zie knuffel ik vaker met hem, ook al is hij nog lang niet gevaccineerd. Hij is voorzichtig en waar hij nu op Texel zou zitten met vrienden, is dat niet doorgegaan omdat één van hen in direct contact was geweest met iemand die besmet was. Zó sneu dat dat ene uitje niet doorgaat. Vriendinnen zijn bijna zover, maar nu nog niet. We wachten keurig op de 2e inenting. En bovendien: de ziekenhuizen liggen nog vol, dus laten we niet hoogmoedig worden.

Ik zat ook nog niet op een terrasje, simpelweg omdat het veel te koud was, en ik veel te niet fit. Nu het weer niet meewerkt gaat de wereld nog trager open dan gevreesd.

Ik verlang naar de vrijheid van een Covid-loze wereld maar ook naar de vrijheid van een gezond lichaam. Beide zijn niet haalbaar. En er zijn dagen dat ik dit maar moeilijk kan accepteren, dat zijn meestal de momenten dat ik me echt beroerd voel en dat komt deze dagen aanmerkelijk vaker voor dan voorheen. Het is ook wonderlijk hoe weinig je je bewust bent van de vrijheden die een gezond lichaam je biedt, zolang dat lichaam nog gewoon doet wat het moet doen.

Maar vanmorgen werd ik gelukkig beter wakker dan gisterenavond en dus ga ik zo maar eens kijken of mijn nieuwe gazonnetje wat korter gewiekt kan worden met een of ander elektrisch apparaat. Vanmiddag regent het immers alweer. Bleh. Gelukkig krijgen we morgen, op moederdag, één dag zomer. Ik kijk ernaar uit.

Gelukt 😁, nog net vóór het weer ging regenen.

Beetje omhoog, beetje omlaag

Een lang en wat zwaarder (op de hand) blog, te lezen als je er ruimte voor hebt

Nu er steeds minder mogelijke behandelingen zijn is de dreiging van :

  • de chemo werkt niet meer
  • de chemo werkt nog wel maar de bijwerkingen worden te ingrijpend

veel zwaarder dan voorheen.

Als dit niet meer werkt, komt er dan nog wel een andere behandeling die wat doet? En tegen welke prijs? Hoeveel kwaliteit van leven moet ik daarvoor inleveren?

En als het nog wel werkt maar de bijwerkingen worden steeds zwaarder, waar leg ik dan de grens: tot hier en niet verder?

Met deze vragen steeds in mijn achterhoofd wordt iedere controle pittiger. Maar dat niet alleen. Ook ieder signaal in mijn lichaam wordt een ding wat om aandacht vraagt en tweestrijd oplevert. Afgelopen week was ik ronduit beroerd. Pas dinsdagmorgen knapte ik op, maar dinsdagmiddag was ik alweer minder fit. De avonden zijn sowieso goed maar verder was het naadje pet. En ik was er daarom van overtuigd dat de chemo zijn werk niet meer deed tot ik gisterenmiddag (er was tussentijds geprikt) zag dat die leverwaardes eigenlijk op één na verbeterd waren ten opzichte van de vorige keer. Dus na de aanvankelijke stress dat het een aflopende zaak is, kwam toen de stress: maar deze bijwerkingen zijn niet te doen. Of wel? Of niet?

Afijn, gewoon kmp dus.

Vandaag zat ik vóór de chemo bij mijn oncologisch consulente. Ik had nogal wat op mijn lijstje staan voor haar:

  • ik wil een helderder scenario over de mogelijke stappen ná deze chemo. Ik merk dat ik door de extreem vage toekomst (controle 😉) in de war raak. Dat wil ik wat indammen, ook al weet ik dat dat maar beperkt kan. Dus ik wil weten: als de chemo niet meer werkt of te zwaar wordt, wat (en of) we dan eventueel kunnen gaan inzetten, als mijn lever dat dan nog toelaat.
  • ik wil de hogere dexamethason-dosis weer terug en bovendien ook een superlage dosering dexa-pillen voor het weekend na de chemo. Zo hoop ik de extreme vermoeidheid en lamlendigheid, te kunnen minimaliseren en hopelijk voel ik me daarmee weer wat beter.
  • uitgangspunt is dat ik tot en met de zomer een acceptabel leven kan leiden als de kanker dat toelaat.

Tegelijkertijd merk ik dat ik het soms nu al niet meer trek: omhoog omlaag omhoog omlaag; hoop vrees hoop vrees.

Mentaal trekt het een enorme wissel, zo erg dat ik steeds vaker voor dat nare gevoel en die dreigende dood wil vluchten. Of andersom: dat ik er dan maar naar toe wil rennen, dan ben ik er tenminste een keer vanaf. Terwijl ik er eigenlijk liever zo weinig mogelijk mee bezig ben. Ik wil nú genieten, maar wat een opgave is dat wanneer ik zo moe ben.

Dus een volgende vraag is toch ook: waar vind ik een vorm van begeleiding, die me kan helpen om hiermee beter om te gaan. Dat zal dan de derde keer worden dus ik in deze 5,5 jaar hulp daarbij zoek. Een half jaar na de diagnose werd ik geconfronteerd met een totaal niet luisterende oncoloog. 5 Therapiesessies bij het Helen Dowling Instituut hielpen me om me te realiseren dat mijn oprechte wens om gehoord te worden normaal is en dat een switch terecht was. Rondom de scheiding hielp een therapeut me om orde in de totale chaos te krijgen, voor zover dat mogelijk was. En nu is er dus weer die behoefte.

Ik wil niet vluchten voor de dood. Maar ik wil er ook niet naartoe rennen. Hoe deal ik met de dagelijkse onzekerheid? Ik doe al zoveel: ik leef in het nu, ik plan veel leuke dingen, ik praat met mensen over wat me bezighoud en nog merk ik dat ik er momenteel niet goed mee om kan gaan, er zit zoveel verdriet in mij. Ik ben uiterst gevoelig voor hoe anderen in mijn proces staan en ik merk dat zij soms ook tegen hun grenzen aanlopen, praktisch, maar ook emotioneel. Dat is geen verwijt! Iedereen heeft het recht op zijn of haar eigen proces rondom mijn ziekte, maar soms ervaar ik dat wel als extra zwaar.

En: is dit simpelweg een periode die erbij hoort? Moet ik/moeten we hier ons doorheen worstelen, hoort het verdriet, de twijfel erbij? Is dat dan niet zonde van mijn laatste levenstijd? Ik wil zo graag dit allemaal niet. Ik wil zo graag helemáál niet dood, maar ja, daarover heb ik niks te zeggen…. is de tijd rijp om weer wat extra steun/handvatten krijgen, om ook hier weer beter doorheen te komen? Want ik word er moe van. Moe van altijd maar zo leven. Moe van dat gebrek aan toekomst. Moe van de hoop. Moe van toch weer een tegenvaller. Moe van de chemo, de bijwerkingen, de kanker.

Ik weet dat dit alles ook de reden is dat ik al wat eerder bedacht heb dat ik evengoed graag nog een voorjaar en een zomer zo verder wil. De gedachte er daarna nóg langer mee te moeten dealen, zeker in de sombere donkere wintermaanden, trek ik niet. Alles in mij komt dan in opstand. Is het intuïtie? Voel ik dat mijn lijf op is? Of loop ik vast omdat na al die tijd mijn veerkracht aan het verdwijnen is? Met die vragen kan vast iemand me helpen.

Hiermee en met het verzamelde verdriet van de afgelopen weken zat ik vanmiddag bij mijn oncologisch verpleegkundige. Ik praat soms makkelijker met haar dan met mijn allernaasten. Ook omdat ik bij mijn naasten hun verdriet zo goed aanvoel en dan het mijne opzij schuif.

Ze nam alle tijd, luisterde en dacht mee, probeerde te zoeken waar de kern ligt en waar mogelijkheden. Ook voor mijn vraag: is dit nu depressiviteit of hoort dit bij deze fase nam ze de tijd. De medische vragen gaan door naar mijn oncoloog, voor de levensvragen krijg ik contact met een medisch maatschappelijk werker, en ik heb wat van mijn verdriet bij haar kunnen laten, en in ruil voor begrip. Niet dat dit al genoeg is geweest, want het voelt al een poosje alsof mijn kankeremmertje overloopt.

Misschien komt dat omdat er nu meer ruimte in mij is, om ook dit deel onder ogen te zien. Tegelijkertijd maakt dit nieuwe verdriet het alles bij elkaar ook wel veel. Ik zou bijna vergeten me te realiseren dat die weer wat dalende leverwaardes toch echt wel mooi aansluiten bij mijn wens om nog een zomer te mogen meemaken.

Spannende taxi-rit

Bijna altijd gaat het goed met het taxivervoer naar Rotterdam, en wat is dat een luxe.

Ik heb een taxi nodig omdat ik met chemo en bijbehorend slaapmiddel niet terug mag of kan rijden. Dat wordt behoudens een eigen risico van 105 euro per jaar helemaal vergoed. Nederland is een fantastisch land.


Vandaag had ik een taxichauffeur met – naar eigen zeggen – een nieuwe telefoon. Die kreeg hij niet aan de praat geloof ik, en hij noemde het een storing maar hij had geen flauw benul hoe het ding werkte. Hij wist ook het adres van het ziekenhuis niet, wat ík hem dus maar gaf, en, zo bleek onderweg, hij had ook geen idee van de route. Doordat hij de weg niet wist, waren er verschillende acute stopacties,  bijna op de auto vóór hem en ook sloeg de motor vanaf het begin steeds af. Zouden we wel heelhuids arriveren?

Op enig moment nam hij een willekeurige afslag Rotterdam en reed rondjes in de outskirts van Rotterdam, in de hoop dat hij een bord met daarop Erasmus MC zou gaan zien. Toen ik dat bemerkte heb ik mijn telefoon aangeboden, maar pas nádat ik het goede adres had aangetikt, de route had geactiveerd en het geluid had aangezet.

Omdat het altijd ruim ingepland wordt kwam ik maar 5 minuten te laat aan voor de afspraak met mijn oncologisch consulente, waarover later meer.

Hè, hè.

Dus ja, alle ongemakken in één rit, en deze doen de goede service die ik gewoonlijk ervaar, niet teniet. Dus ik ga er niet over klagen 😉.

Op naar weer een rondje chemo: paclitaxel 7.3 en daarna even pauze.

Over een paar weken ben ik jarig

Er zijn eigenlijk maar twee verjaardagen (geweest) waar ik tegenop zag (iedere andere verjaardag was ik gewoon blij/dankbaar met weer een jaar erbij).

De eerste was toen ik 30 werd. Dat vond ik ontegenzeggelijk stok- en stokoud. Het moment waarop je echt keuzes moet gaan maken. Gaat nadenken over trouwen en kinderen krijgen. Echt volwassen worden 😲. En daar leek me niet zoveel aan, al pakte ik het even goed voortvarend aan: op mijn 31e zijn we getrouwd en vóór mijn 32e was ik moeder van het leukste kind van de wereld.

Ik vierde die 30e verjaardag overigens wel met veel zwier 🌷⚘🌹🌻, al had ik er niet naar uitgekeken.

Binnenkort vindt dan een nog veel wonderlijker dag plaats. Ik word 60. Ongelooflijk, verrassend, raar. Hoe is het mogelijk dat ik dit ga halen? En wat moet ik ermee? Feestje? Kan niet, want corona. Buitengewoon fit ben ik ook niet, dus al te gek kan ik niet doen, en bovendien is 60 stok- en stokoud 😉.

In de loop van de jaren, vierde ik mijn verjaardag maar af en toe. Dat kwam onder meer omdat vanaf eind maart, eerst mama, dan jongste broer en zijn vrouw, oudste broer en zijn vrouw, nichtje en neefje, én Vic tegelijk met schoonmoeder, allemaal net voor mij jarig waren. Dan hadden we als familie elkaar al zo vaak gezien dat het wel weer mooi was. Dus meestal vierden we Vics verjaardag goed en dan was het klaar.

Eén keer in de paar jaar vierden Vic en ik dan samen groter feest. Bijvoorbeeld toen hij 18 en ik 50 werd. Ik koester warme herinneringen aan een heel fijn tuinfeest met al onze vrienden en familie ❤.

Liever wilde ik de jaren na mijn 50e ergens rond moederdag en mijn verjaardag een leuk uitje met ons gezin. Samen iets leuks doen, daar bloeit mijn hart van op. Zo hebben we van alles ondernomen op steeds heel zonnige dagen in mei. Ook al zo’n mooie herinneringen 💚💛💚.

En nu word ik binnenkort 60…. Vic en zijn meisje hebben al een heel leuk uitje 🚤🏞 voor ons drieën gepland, in het weekend na mijn verjaardag, dus dáár kijk ik naar uit, en ook mijn oudste vriendinnen hebben wat bekokstoofd in die week 🤩. Een uitje naar de Beekse Bergen, dat toevallig net na mijn verjaardag zou zijn, is uitgesteld vanwege corona. Maar wat zal ik nu toch op de dag zelf gaan doen?

Ik dacht: misschien, als het mooi weer is, dat ik dan de hele middag op een Utrechts terras ga zitten 😎🥳😎🍰😎🍻😎🌞😎 en dat er dan op 1.50 meter steeds iemand anders aanschuift? Hahaha, dan zal ik maar niet steeds een drankje doen, want na ééntje val ik al om, ik drink eigenlijk niet meer. Of gewoon in mijn eigen tuintje en dan een lijstje maken, wie wanneer komt. Maar eigenlijk kan dat niet, want coronavoorschriften zeggen twee mensen per dag, en al die mensen huggen is ook al niet verstandig. En dat zou dan even goed voor dat Utrechtse terrasje gelden. Dus ja, ik weet eigenlijk niet zo goed wat ik met die 60e verjaardag aan moet. Ik kan ook niet goed voorspellen hoe ik me dan voel al valt het gelukkig wel in mijn pauzeweek.

Er ligt een vaag plan voor een familie-BBQ, later in de zomer als dat weer mag, maar dingen uitstellen voelt deze dagen niet zo goed, omdat mijn gezondheid in zo’n wankel evenwicht is. Dus ik kan me er niet toe zetten daar al naar uit te kijken. Eerst maar eens kijken hoe de volgende scan uitpakt, kort na mijn verjaardag, voor ik me met dat soort dingen bezig ga houden.

Gelukkig maakt het me ook niet zoveel uit, al zou je als je dit leest denken van wel. Ik kijk deze dagen meestal maar heel kort vooruit en bedenk dan hoe ik die komende dagen leuk zal gaan invullen. En of ik iets leuks heb op 59 jaar en 360 dagen of op 60 jaar en 4 dagen, dat maakt me al helemaal niet uit. Iedere dag die mooi, verrassend of lief is, is er één. Ik zie wel, een paar dagen tevoren, valt alles meestal vanzelf op zijn plek. En het is goed te weten dat als ik alleen in mijn tuintje zit met een mooi boek, dat ik dan ook al tevreden ben.

En om dan maar met vandaag te beginnen: zo meteen krijg ik leuk bezoek, uit een ver verleden, en morgen komen jongste broer en zijn vrouw alvast mijn verjaardag vieren. Ik denk daarom dat ik heel veel piepkleine feestjes zal hebben en hoe leuk is dat!

Mislukt

Moe!

Ik had afgelopen week natuurlijk ook wel een drukke week, waarin ik me vanaf zaterdag goed en redelijk goed voelde en daarna kwam woensdag gift 2 van kuur 7. Maar tegelijkertijd herken ik de vermoeidheid van de AC-kuren van 2017. Daarbij sliep ik 2 x 24 uur, totaal knock-out.

Net als vorige week was ik deze donderdag niet ouderwets pep van de dexamethason, maar zo moe als nu was dus ook weer niet nodig, sjonge. Ik sliep tot half 8, daarna weer rond 11 uur en ’s middags ook weer bijna de hele tijd. Alleen de avond was ik goed wakker en fit. Ik ben nu eenmaal een avondmens. Maar overdag wilde ik alleen maar in mijn bed liggen en slapen. Ik was niet heel naar, maar wel héél moe. Omdat ik meende dat rust nu ook wel eens goed was, gaf ik er gewoon aan toe. Stiekem zag ik wel op tegen vandaag omdat ik vorige week op vrijdag toch behoorlijk niet lekker was.

Afgelopen nacht bracht ik weer slapend door, al was ik wel vroeg wakker. Ik dacht nog even dat de donderdagse rust me goed had gedaan want ik werd zeker niet zo brak wakker als vorige week vrijdag, maar al snel sliep ik weer in. Uiteindelijk ben ik zojuist om half 2 ’s middags opgestaan. Na 10 minuten wilde ik weer naar bed, toch wel behoorlijk beroerd 🙄. Dus nu twijfel ik of ik even buiten een rondje zal maken of weer terug mijn bed in zal duiken.

Ik durf wel te stellen dat het experiment met de lagere dosering dexamethason bij deze is mislukt. Het is het niet waard. Chemo en ik: we kunnen niet zonder elkaar, maar ook niet zonder de middelen die de chemo te verdragen maken. Het zij zo. Woensdag maar weer vragen om de hogere dosering en dan voor lief nemen dat ik op zaterdag inkak.

Of zal ik nog een extra pilletje dexa voor de zaterdag en zondag vragen?

En voor vandaag geldt: rond 18 uur leef ik weer op (net als vroeger als ik een kater had 😉). Dus het komt goed.

Young Investigator Award uitreiking

Laatst mocht ik mee kijken bij het 20e NABON-BOOG symposium. Heel borstkankeronderzoekend Nederland komt daar samen.

Tijdens het congres werd ook de Young Investigator Award uitgereikt.

Winnares was: Titia Meijer, MD, PhD, met de RECAP studie. Ik zag ineens een bekend gezicht, want ik heb aan deze studie deelgenomen. Er zijn uitstekende resultaten behaald. Bepaalde geneesmiddelen worden hierdoor bereikbaar voor een grotere groep borstkankerpatiënten, en ook kan er (in de nabije toekomst) voorspeld worden bij wie bepaalde geneesmiddelen zullen aanslaan. In een vervolgonderzoek wordt hier verder naar gekeken, maar ik meen dat een deel van de opgedane kennis nu al wordt toegepast. En zo zijn er weer grenzen verlegd. En er zijn openingen naar nog meer voorspellende methoden om te zien of een bepaalde chemo of ander geneesmiddel zal aanslaan bij een patiënt.

Ik word toch altijd zo blij van wetenschappelijk onderzoek dat heel diep in het menselijk DNA duikt en tegelijkertijd óók de link kan leggen naar de klinische praktijk! En natuurlijk het is leuk te weten dat ik door het toestaan van enkele extra leverbiopten, toen mijn lever toch onderzocht moest worden, heb bijgedragen aan relevant onderzoek.